© Theo Baart
Wegen naar Welzijn bekijk alle Processen

Uitdagingen in groeikernen vandaag

Sectie
Overbos
Wegen naar Welzijn
Gepubliceerd op

Vijftig jaar later zijn de (voormalige) groeikernen in een nieuwe demografische fase terechtgekomen. Aanvankelijk dienden de groeikernen als bestemming voor de overloop van de stedelijke bevolking en als motor voor
suburbanisatie. Maar de migratiestromen zijn al enige tijd aan het veranderen en we kunnen drie belangrijke demografische trends waarnemen in de groeikernen (PBL 2015).

Afnemende aantrekkelijkheid en lagere instroom

Ten eerste kiezen jonge gezinnen en hoogopgeleide stellen de laatste jaren steeds vaker voor een woning en een toekomst in de grote steden. De grote steden houden niet alleen jongere stellen en gezinnen langer vast, vooral in de Vinex-wijken, maar trekken ook ‘terugkeerders’ aan die in het verleden voor een groeikern hadden gekozen.

Vergrijzing

Ten tweede is er een ‘groene golf’ van jongvolwassenen die zijn weggetrokken uit de groeikernen waar ze in de jaren tachtig en negentig zijn geboren, op zoek naar een baan of opleiding in de grote stad. Hierdoor vergrijzen de groeikernen in hoog tempo. De jonge stellen en gezinnen die zich in de jaren 80 en 90 massaal in de groeikernen hebben gevestigd, wonen daar nog steeds (veroudering ter plaatse) en zullen de komende decennia de pensioengerechtigde leeftijd bereiken. De natuurlijke bevolkingsgroei zal de komende jaren kleiner worden, deels omdat jongvolwassenen vertrekken en ook het stichten van een gezin uitstellen. De nationale vergrijzingstrend is meer uitgesproken in de groeikernen.

Concentratie van armoede

Ten slotte is er sprake van een geleidelijke inkomensgebonden segregatie in groeikernen, met een toenemend percentage huishoudens met een laag inkomen (laagste kwartiel). De instroom van huishoudens met een hoog inkomen uit de G4 naar deze kernen is sinds de jaren 80 en 90 gedaald van 44% naar 29%. Ondertussen zien centrale steden een toename van huishoudens met een hoger inkomen en een afname van huishoudens met een lager inkomen, wat leidt tot een gemiddelde toename van de welvaart in steden en een afname in groeikernen. Door deze demografische trends is ook de relatie tussen de groeikernen en hun centrale steden veranderd.

De voormalige groeikernen maken demografische verschuivingen door die worden gekenmerkt door een afgenomen aantrekkingskracht voor jonge gezinnen en hoogopgeleide stellen, een snelle vergrijzing als gevolg van het vertrek van jongvolwassenen en een toenemende concentratie van huishoudens met een laag inkomen. Deze trends hebben geleid tot een verandering in de relatie tussen de groeikernen en hun centrale steden.

Lees hier het volledige rapport