Make Some Noise: Ontwerpen aan geluidadaptief wonen

Sectie
Wonen
Luchthavenregio
Ontwerpen

Hoe kan vliegtuiggeluid-adaptief bouwen circulair worden gerealiseerd en tegelijkertijd bijdragen aan een goede leefomgeving en microklimaat?

Voorjaar 2019 zochten het Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions (AMS), de gemeente Haarlemmermeer en het Podium voor Architectuur Haarlemmermeer en Schiphol in twee sessies samen naar nieuwe manieren van bouwen in gebieden rond luchthavens.

De ambitie was dat de uitkomsten kunnen worden gebruikt om de leefomgeving rond Schiphol actief te gaan verbeteren. De uitkomsten van het ontwerpatelier worden opgenomen in een stedenbouwkundige verkenning met als doel experimenteel te kunnen bouwen in proefopstellingen. Om zo te kunnen meten wat de effecten zijn op geluid, mens en leefomgeving. De eerste workshop vond plaats op 3 april 2019. De tweede sessie op 19 juni 2019.

Geluidadaptief bouwen - Beeld: Martijn Lugten
Geluidadaptief bouwen - Beeld: Martijn Lugten

Op 3 april was de aftrap van ‘Make Some Noise’ bij C-Bèta in Hoofddorp. Make Some Noise heeft als hoofddoel om nieuwe ontwerpmethoden voor duurzame en gezonde leefomgevingen rondom Schiphol te ontwikkelen. Hierbij wordt de basis gevormd door onderzoek naar de voortplanting van (vliegtuig-) geluid rondom en binnen gebouwen. Vanuit deze basis zoeken we naar nieuwe concepten om gebiedsontwikkeling geluid-adaptief, klimaatbestendig, energie-neutraal en in de brede zin duurzaam te maken. Omdat luchthavens en vliegroutes reageren op veranderende omstandigheden zou de omgeving dit idealiter ook moeten doen.

Dit roept de vraag op of, en op welke manier de gebouwde omgeving adaptief kan zijn aan de constant veranderende omstandigheden?

In de huidige praktijk wordt er vaak voor gekozen om elke vorm van bebouwing te voorkomen rondom luchthavens, terwijl semipermanente bebouwing een tussenvorm tussen tijdelijk en permanent zou kunnen zijn. Vanuit duurzaamheidsoogpunt is semipermanente bebouwing per definitie modulair en circulair. Vanuit deze gedachten heeft Make Some Noise drie focusgebieden:

  • een duurzaam en leefbaar microklimaat
  • tijdelijkheid en demontabiliteit
  • circulaire en bio-based bouwmethoden en geveloplossingen
Make Some Noise
Make Some Noise

Na twee presentaties door Michela Turrin (additive manufacturing) en Martijn Lugten (geluid-adaptief bouwen) is er in drie groepen nagedacht over de doelstellingen van het project. Meer dan twintig deelnemers uit de wetenschap, overheid en het bedrijfsleven bogen zich over de vraag op welke manieren de Schiphol-omgeving duurzamer en leefbaarder kan worden gemaakt.

De belangrijke uitkomsten in een notendop

Een duurzame en geluid-adaptieve leefomgeving moet in de eerste plaats aansluiten bij de lokale behoeften van bewoners, en de lokale potentie van een gebied (bijvoorbeeld restwarmte, ligging, materiaalstromen). Een duurzame leefomgeving wordt primair vormgegeven door de gemeenschap zelf, en onderzoekers reiken middelen aan om dat op een duurzame en circulaire manier te kunnen doen (‘toolkits’ of ‘bouwblokken’). Vervolgens kan (bijvoorbeeld) de verkavelingsstructuur richting geven aan de juiste waarborging van geluid-adaptief en duurzaam ontwerp. Er moet integraal naar een gebied worden gekeken om het klimaatadaptief te maken, niet alleen naar de wijk die gaat worden ontwikkeld, maar ook de relatie tot waterberging, energie-potentie en verharding in het hele gebied. Goed ruimtelijk en architectonisch ontwerp zou gebieden kunnen creëren waar het gezonder wonen is dan ‘normale’ gebieden waar geen luchthaven in de buurt is. Hierbij kunnen nieuwe vormen tussen ‘binnen’ en ‘buiten’, en de koppeling van wonen en kasgebieden ook kansen creëren voor bijvoorbeeld lokale voedselproductie.

De uitkomsten worden gebruikt om richting te geven aan twee werkateliers waar dieper wordt ingegaan op de eerste ideeën en concepten. Het eerstvolgende werkatelier richt zich op het microklimaat, en dan vooral de relatie tussen de kaders om geluid-adaptief, klimaatbestendig en energie-neutraal te bouwen. Bijten uitgangspunten en randvoorwaarden elkaar, of zijn er typologieën te bedenken die synergetisch werken? Daarbij zullen simulatiemodellen zoals Envi-Met en OTL worden gebruikt om te onderzoeken hoe verschillende bouw-typologieën scoren qua geluid-voortplanting, hitte-stress, waterberging en windstromen.