Veiligheidsportretten bekijk alle Projecten

Veiligheidsportret 16 // Wim

Sectie
Gesprekken
Veiligheidsportretten

Wim zit thuis op de bank, de benen gestrekt vanwege een operatie aan de knie. Inmiddels is hij alweer beperkt mobiel, met krukken. Vanochtend heeft hij buiten een rondje gelopen. In zijn vertrouwde buurt in Zwanenburg waar hij al zijn hele leven woont. Er was net een vriend op de koffie. “Even kijken hoe het gaat, meegevoetbald, vriendengroep. Dat is het dorp, betrokken bij elkaar.”

Veilig in een betrokken dorp en een dorpshuis met huiskamers

"Ik word dit jaar 69 en woon bijna 69 jaar in het dorp, want ik was pas vier weken oud toen ik hier kwam wonen. Wat dat betreft ben ik een echte Zwanenburger, met een grote vriendenkring, waarmee ik op de lagere school heb gezeten. Door de jaren ben ik actief betrokken geweest bij de voetbal- en later bij de tennisvereniging, en weer later bij de ontwikkelingen van het nieuwe dorpshuis."

"De aanloopfase had participatietrajecten met de gemeente. Op een gegeven hebben we de bestuurlijke rol overgenomen van het dorpshuis de Olm. Op dielocatie staat nu een supermarkt."

"We zijn trots en blij met het nieuwe dorpshuis van Heren5 architecten dat in 2020 is opgeleverd. Het is een thuis in het dorp met een grote huiskamer. Het was een vreemde start midden in de coronatijd met wisselende openstelling. Bij het dorpshuis hebben we af en toe wel kleine dingen waar we contact over hebben met de politie."

"Voor het dorpshuis ligt een mooi plein met banken en stallingsplaatsen voor de fiets. Misschien kan de gemeente daar wel wat halfpipes neerzetten. Dan maak je een actieve plaats voor jongeren in het dorp en hoef je voor ontmoeting en beweging niet naar parkjes buiten de kern.”

“Generaties vertonen verschillende types gedrag, zoals hangjongeren. Dat kan je koppelen aan een gevoel van onveiligheid óf zorg over hun thuissituatie. Hoe voelen die jongeren zich? Dat is een punt van aandacht.”

"Met veiligheid ben ik tot aan deze vraag nauwelijks bezig geweest. Dat betekent dat ik me op persoonlijk vlak veilig voel. We zijn zelfredzaam. Met het ouder worden kijk je iets anders naar je omgeving en bijvoorbeeld het gedrag van jongeren die op straat hangen. Daar kan ik niet aan koppelen dat ik me minder veilig voel. Dat gaat over een ander type gedrag van generaties. Je kan dat koppelen aan overlast en een gevoel van onveiligheid of zorg over hun thuissituatie. Hoe voelen die jongeren zich? Dat is een punt van aandacht.”

Volgende maand is Wim 45 jaar getrouwd met Rineke. Hun twee zoons wonen tot groot genoegen met hun gezin in de buurt. Het ene gezin met twee jongetjes in Halfweg, het andere in Haarlem vlak bij het station. Wim en Rineke zijn altijd actief geweest in Zwanenburg. Rineke heeft twintig jaar les gegeven op basisschool De Meerbrug, daarna in Amsterdam. Wim heeftmanagementfuncties gehad in de automatisering, aarna in de financiële sector. Bij banken waarvan een aantal inmiddels niet meer in naam bestaat.

“Een dorpshuis, een verenigingsleven zorgt voor sociaal cement. Een fundament onder het gevoel van veiligheid.”

"Zwanenburg heeft een actief verenigingsleven, dat zie ik mijn hele leven en eens temeer nu ik bij het dorpshuis ben betrokken. Dat zorgt voor sociaal cement. Het is een fundament onder het gevoel van veiligheid. We hebben een goed aanbod van verenigingsleven, sport, jeugdbewegingen. Met name voor de ouderen, die intensief gebruik maken van het aanbod. Koren, verenigingen, inloop, koffiedrinken als ze gewandeld hebben. Klaverjassen, bridgen, dat proberen we met het dorpshuis allemaal te bieden. Het geeft een gevoel van veiligheid, en dan vooral het thuiskomen in zo’n accommodatie. De architect heeft zich vanaf de aanloop gericht op de huiskamer, de centrale ruimte. Als je je ergens goed moet voelen is het in de huiskamer. Het gevoel van thuis. De basis van geborgenheid. Veiligheid, dat ben je zelf. En de architect heeft daar heel goed vorm aan gegeven.”

Ruimte voor ontmoeting

Wim vertelt met veel ervaring over het belang om de basisvoorzieningen intact te houden. Voorzieningen die ervoor zorgen dat iedereen die dat wil toegang heeft tot een sociaal leven, kan leren, kan lezen, kan sporten, kan ontmoeten. “De basis klopt. We zijn in Zwanenburg een aantal jaren geleden geconfronteerd met het opheffen van een stichting op sociaal-cultureel vlak. Gelukkig is een deel overgenomen door Christofoor met sport en Pier K met cursussen. Sommige docenten zijn voor zichzelf doorgegaan. De continuïteit van die activiteiten is redelijk geborgd. Daar zit wel een risico met bezuinigingsrondes op sociaal-cultureel terrein. Het is belangrijk dat dit soort activiteiten gecontinueerd worden met subsidie van de gemeente. Dat geldt ook voor onze ‘klanten’ zoals de Zonnebloem en de Seniorenvereniging die ruimtes huren, die op hun beurt ook op subsidie draaien. De kosten gaan voor de baten uit. Dat is van wezenlijk belang. Daarmee leg je een solide, veilige basis. Er zijn vele vrijwilligers die maaltijden voor ouderen organiseren en daarmee ook sociale controle hebben. Er wordt gewerkt met een bellijst. Dat is een soort sociale controle vanuit de groep. Als er iemand niet reageert, dan weet je het toch wel snel. We hebben het niet geïnstitutionaliseerd."

“Die kleinschaligheid kenmerkt alle kernen in Haarlemmermeer, die maat van kleine omgevingen moeten we bewaken, omdat het veiligheid op een natuurlijke wijze regelt. Het gaat eigenlijk vanzelf, als je de basisvoorziening als een dorpshuis regelt en in stand houdt.”

“In een dorp heb je een gemeenschappelijk verleden. Dan zit ik met wat oudere mannen te praten, blijk je op dezelfde lagere school te hebben gezeten. Een oude tuinder, die kende weer die en die. Veel langdurige vriendschappen stoelen op een gedeeld verleden. Dat geldt ook voor de eetgroep en de koren. Er zijn natuurlijk ook nieuwkomers, en jongeren. Ik weet niet precies hoe die zich tot elkaar verhouden, we zitten allemaal in onze leeftijdsbubbel met aanhaking door de kinderen en kleinkinderen.”

“De groep van tussen dertig en zestig jaar is druk met het arbeidsproces, die zien we minder in het dorpshuis. Het jonge spul zien we wel, sportgerelateerd, en de bibliotheek heeft een belangrijke rol. Daar lopen alle leeftijden binnen. De sportvereniging heeft basketbal, handbal, zaalvoetbal, die draaien op een heel actieve groep van wisselende leeftijd.”

Wim heeft vanuit zijn arbeidsverleden veel ervaring met veiligheid en privacygevoeligheid.

In zijn kringen in Zwanenburg hoort hij nauwelijks verhalen vanuit die hoek. ‘’Vakmatig was cybersecurity een issue maar in mijn omgeving hoor ik relatief weinig van cyberonveiligheid. Uiteraard heeft iedereen te maken met het systeem van klant volgen gericht op informatie over interesse en aankoopgedrag.

Het kan beter, veiliger, efficiënter. Het volgen neemt de overhand met controles, ook vanuit school. Is dat nodig? Wij worden 69; als ik wat uitgevreten had, dan hoorden mijn ouders het later wel.

Veiligheid en gevoel van privacy, dat moet ook aan kinderen gegund worden. Je moet een keer kunnen spijbelen, kotsen in de heg. De wereld blijven ontdekken ook als je wat ouder bent. Niet alles gecontroleerd door bedrijven en de overheid. Dat is wel iets van veiligheid. Het wordt nu een beetje een hoogdravend verhaal, maar daar verliezen we wel het een en ander op. Je identiteit komt in het geding.”

“Een keer heb ik een presentatie bij de bank gekregen van een man van wie de identiteit gestolen was, dat wil je niet hebben. Dramatisch. Dat zijn excessen, maar je moet ook niet weten wat ‘ze’ allemaal van ons weten en wie ‘ze’ zijn.”

“Het gebied van onze zorgen en veiligheid lijkt klein in vergelijking met het schaalniveau van klimaat, cyberaanvallen en oorlogsdreiging. Maar dichtbij dreigt de groeiende kloof die ontstaat door bijvoorbeeld de coronacrisis, verharding en financieel kunnen meedoen in de samenleving. Het lijkt erop dat de waakzaamheid er wel is in onze gemeente, met de zorg dat alle partijen hun zegje kunnen doen, zodat we de democratie kunnen bewaken.”